Erik en Bram: wat niet mag zijn (7)

Alex had geen idee hoeveel dagen er verstreken waren toen de deur van zijn cel opnieuw openging. Tijd was iets abstracts geworden. Zonder daglicht en zonder klok vloeiden uren en dagen ongemerkt in elkaar over. De bewaker die binnenkwam zei slechts dat hij moest meekomen.

Met moeite kwam Alex overeind. Zijn lichaam protesteerde bij iedere beweging. De afgelopen dagen hadden ze hem met rust gelaten. Tenminste, voor zover je van rust kon spreken wanneer je opgesloten zat in een kale cel met niets anders dan je eigen gedachten als gezelschap. Veel had hij niet gegeten. De meeste maaltijden waren onaangeroerd gebleven. Zelfs honger leek niet langer belangrijk.

Tot zijn verbazing bracht de bewaker hem niet naar een verhoorkamer maar naar de douches. Het warme water dat over zijn lichaam stroomde voelde bijna onwerkelijk. Hij wist niet meer wanneer hij zich voor het laatst gewassen had. Een oudere medegevangene hielp hem zwijgend. Normaal zou hij zich daarvoor hebben geschaamd, maar daarvoor ontbrak hem de energie. Tijdens het afdrogen gingen enkele wonden opnieuw open. Op verschillende plekken kleurde de handdoek rood van het bloed.

Daarna kreeg hij een schone boxershort en werd hij naar een andere ruimte gebracht. Een verpleegster wachtte hem op. Zonder een woord te zeggen bekeek ze zijn verwondingen. Ze smeerde zalf op de ergste plekken en plakte verband op de wonden die nog niet gesloten waren. Vervolgens richtte ze haar aandacht op zijn gezicht. Pas toen ze met make-up de donkerste blauwe plekken begon weg te werken, begreep Alex wat er aan de hand was. Ze maakten hem toonbaar.

Het was een vreemde gewaarwording. Dagenlang had niemand zich iets aangetrokken van zijn toestand. Nu ineens leek het belangrijk hoe hij eruitzag.

Even later kreeg hij kleding aangereikt, samen met een paar schoenen waarvan de veters ontbraken. De bewaker bracht hem vervolgens naar een klein kamertje met een tafel en twee stoelen. Daar moest hij wachten.

Toen de man tegenover hem plaatsnam en zich voorstelde als zijn advocaat, had Alex moeite zich op zijn woorden te concentreren. Zijn ouders hadden hem gestuurd, begreep hij. Die mededeling alleen al was voldoende om allerlei gevoelens los te maken. Al die tijd had hij niet geweten wat zij wisten, wat zij dachten of zelfs of zij hem nog wilden zien.

Langzaam drongen de woorden van de advocaat tot hem door. Over twee weken zou zijn zaak voorkomen. Hij had het dossier inmiddels bestudeerd en voor zover hij kon nagaan was er slechts één officiële klacht. Eén persoon beweerde dat Alex hem seksueel had benaderd.

Alex wilde onmiddellijk protesteren. Hij had niemand benaderd. Niemand aangeraakt. Niemand zelfs maar verteld wat hij voelde. Maar de advocaat leek zijn reactie al te verwachten.

"Dat begrijp ik," zei hij. "Maar er is slechts één klacht. Dat maakt de zaak eenvoudiger."

De man bladerde door zijn papieren.

"Voor zover ik kan zien heb je toegegeven homoseksueel te zijn."

Alex knikte zwijgend.

"Maar je hebt geen andere namen genoemd."

Voor het eerst keek Alex op.

***********************

Aan het begin van de training hadden Erik en Bram elkaar niet meer dan een vluchtige groet gegeven. Maar hoe kort het contact ook was, voor Bram was het meer dan voldoende om een kriebel in zijn buik te voelen. De eerste baantjes zwemmen bleef hij maar aan Erik denken en luisterde nauwelijks naar de instructeur. Ook Erik voelde wat, maar hij sprong snel in het water in de hoop zijn gedachten te kunnen verzetten.

De jongens trainden in verschillende banen en volgden ieder zo hun eigen programma. Een enkele keer kruisten hun blikken elkaar, maar verder hielden ze bewust afstand.
Na afloop loopt Bram alleen naar de douches. Hij laat het warme water over zijn schouders stromen,  terwijl hij denkt aan het bericht dat Erik hem die dag eerder heeft gestuurd.
‘Rookgordijn’.  Nog steeds heeft hij geen idee wat zijn vriend daarmee bedoelt.

Vanuit zijn ooghoek ziet hij Erik de doucheruimte binnenkomen. In plaats van een vrije plek verderop te kiezen, wacht Erik even tot enkele ploeggenoten zich ook onder de douches hebben opgesteld. Daarna loopt hij doelbewust naar de lege douche naast hem.
Bram voelt zijn hart een slag overslaan.

"Hé man, lekker getraind?" vraagt Erik luid genoeg om boven het geruis van het water uit te komen.

Bram houdt zijn blik strak op de wand gericht.
"Jazeker," antwoordt hij. "Al kan het altijd beter."

"Ik mag niet klagen. Mieke zei vanmorgen nog dat ik de laatste tijd veel beter in mijn vel zit."

Bram fronst. Waarom begint Erik ineens over Mieke?
Erik kijkt even om zich heen. Bram draait zijn hoofd van de wand naar Erik. Hij merkt dat een paar van zijn ploeggenoten vlakbij onder de douches staan. Ze lijken het gesprek half te volgen.

"Overigens vindt Mieke het gaaf dat jij en Lin ons hebben uitgenodigd," gaat hij verder. "Ze is nieuwsgierig naar jou. Volgens mij wil ze alles weten over vroeger, toen we samen op de lagere school zaten."

Erik grinnikt.

"Ik kon haar eigenlijk niet veel meer vertellen dan dat we altijd samen optrokken en af en toe kattenkwaad uithaalden. Jij weet vast nog meer dan ik.”

Langzaam begint het kwartje te vallen. Dit bedoelde Erik dus met zijn rookgordijn. Hij wil dat iedereen hoort dat hij een vriendin heeft. Dat Bram een relatie heeft met Lin. Dat hij en Erik elkaar al van jongs af aan kennen.
Een verhaal zo gewoon mogelijk.
Een verhaal waar niemand vragen bij stelt.
Er verschijnt een glimlach om Brams mond.

Terwijl Erik maar door blijft praten, merkt Bram dat Jeffrey, één van de ploeggenoten, hen opvallend aandachtig aankijkt. Jeffrey zwemt al jaren bij dezelfde vereniging en kent Mieke goed. Hij heeft nooit onder stoelen of banken gestoken dat hij haar een leuke meid vindt. Even later hoort Bram hem zacht mompelen:

"Het zal allemaal wel... Volgens mij houdt hij helemaal niet van Mieke. Ze is beter af met mij."

Volgende
Volgende

Erik en Bram: wat niet mag zijn (6)