Erik en Bram: wat niet mag zijn (14)
Alles aan hem doet nog pijn. Hij had gehoopt dat het ergste leed inmiddels wel geleden zou zijn, maar na een maand voelt hij zijn ernstig gekneusde ribben nog steeds. De meeste bloeduitstortingen zijn inmiddels weggetrokken. Wat blijft, is de angst. Ook afgelopen nacht is hij plotseling in paniek wakker geschrokken. Gelukkig heeft Mieke hem snel weten te kalmeren. Steeds opnieuw ziet hij zijn aanvallers voor zich. Ze waren met zijn vieren en zonder iets te zeggen sloegen ze hem in elkaar, zonder daarbij enige emotie te tonen. Alsof ze bezig waren met een klus die nu eenmaal gedaan moest worden.
Aan hun outfit te zien waren het waarschijnlijk aanhangers van de Partij en Erik vermoedt dat ze door Jeffrey gestuurd waren. Samen met Mieke had hij aangifte gedaan, maar toen Erik dat vermoeden tegenover de politie uitsprak, kreeg hij te verstaan dat hij nog maar eens goed over zijn aangifte moest nadenken. Vooralsnog hield de politie het op een ongelukkige val ten gevolge van een aanrijding. Een prima werkbare waarheid die voor iedereen maar het beste was.
Erik heeft zich al een maand niet vertoond en in die tijd is er slechts een enkele vriend langs geweest. Hoewel Erik de neiging heeft om te vertellen wat er werkelijk gebeurd is, is Mieke hem steeds voor en vertelt ze dat hij na een aanrijding flink ten val is gekomen. Erik begint zich te realiseren dat het inderdaad beter is om er verder over te zwijgen. Alleen Bram en Lin weten wat er werkelijk gebeurd is. Beiden hebben hem verzekerd er met geen woord tegenover anderen over te reppen.
Bram en Lin komen iedere week langs, altijd samen. Nooit eens Bram alleen. Erik verlangt ernaar hem tegen zich aan te voelen, naar zijn armen om zich heen en zijn handen die voorzichtig zijn pijnlijke lijf zouden strelen. Maar vooralsnog vindt Lin het geen goed idee dat Bram alleen naar Erik toe gaat. Ze begrijpt maar al te goed dat Mieke nog van niets weet. Ze is gek op Erik, maar hoe zal ze reageren als ze ontdekt dat zij niet de enige is naar wie hij verlangt?
Ook Bram verlangt naar Erik. Wat zou hij hem graag in zijn armen houden. Zijn hoofd strelen en hem kussen. Kussen om hem te troosten, kussen om hem de pijn te doen vergeten. Maar het kan niet. Zoveel liefde mag niet zijn.
Bram is nog een paar keer naar de zwemclub gegaan. Hij merkt dat hij argwanend door zijn ploeggenoten wordt bekeken en menigmaal is Jeffrey op provocerende wijze voor hem gaan staan om hem te verstaan te geven dat ze hem hier niet moeten. Bram heeft er in eerste instantie steeds niet op gereageerd, maar nadat Jeffrey hem eergisteren plotseling vasthield en hem zei dat ‘zijn apenhersens kennelijk niet zo goed werken’ en dat ‘hij nog dommer was dan Erik’, is Bram naar huis gesneld en ingestort bij Lin. Hij heeft een uur in haar armen gehuild, waarna het hun beiden het beste leek om maar met de zwemclub te stoppen.
Vandaag heeft Bram zijn trainer gebeld om hem zijn besluit mee te delen. Hoewel Bram een van de beste zwemmers van de club is, antwoordde de trainer alleen met: ‘Ik begrijp je besluit,’ en zei verder niets. Niets van ‘jammer’ of een poging hem over te halen op zijn besluit terug te komen. Het spel was kennelijk al gespeeld.
Bram moet het alleen nog aan Erik vertellen. Maar hij weet niet hoe.
Bram zit alleen op de bank. Lin is vanavond naar de vrijgezellenavond van een goede vriendin. Ze is onlangs drieëntwintig geworden en haar vader heeft inmiddels een geschikte man voor haar gevonden. Ze kent hem nauwelijks en hoopt maar dat hij aardig zal blijken te zijn. Met haar studie stopt ze ook. Studeren is voor vrouwen een misbare luxe geworden en ze kan nu beter gaan werken.
Lin kan zich daar behoorlijk over opwinden. Ze volgt de politieke ontwikkelingen veel meer dan Bram en heeft overal een mening over. Bram heeft altijd geprobeerd zich er verre van te houden. Je kunt er toch niets aan veranderen en je haalt je alleen maar gedoe op de hals.
Lin denkt daar anders over. Niet dat ze haar mening overal hardop verkondigt. Zoals ze zelf zegt: de wereld heeft niets aan dode helden. Maar helemaal niets doen is volgens haar ook geen optie.
De meeste van haar vriendinnen denken er meer over zoals Bram. Het is nu eenmaal zoals het is. Het belang van de Staat en de wensen van zijn inwoners lopen nu eenmaal niet altijd gelijk. Je kunt je ertegen verzetten, maar wat schiet je ermee op?
Tot voor kort zou Bram hetzelfde hebben gezegd.
Nu hij alleen op de bank zit, denkt hij aan Erik. Aan zijn gekneusde ribben en de angst die sinds de mishandeling niet meer uit zijn ogen is verdwenen. Hij denkt aan Jeffrey. Aan zijn eigen vertrek bij de zwemclub en aan de trainer die alleen maar zei dat hij zijn besluit begreep.
Voor het eerst vraagt Bram zich serieus af of Lin misschien gelijk heeft.
Misschien is er wél iets wat hij kan doen.
******************
Ook de afgelopen maand heeft Alex niets over zijn proces gehoord. Zijn advocaat heeft niets meer van zich laten horen en ook zijn ouders zijn nog altijd niet op bezoek geweest. Toch houdt Alex hoop. Waarschijnlijk zijn ze achter de schermen druk voor hem bezig.
Sam is de afgelopen maand aardiger voor hem geworden. Hij noemt Alex inmiddels ‘mijn kleine rooie’ en in plaats van hem ruw op zijn buik of rug te gooien, neemt hij hem nu voorzichtiger in zijn armen. Maar het is meer de tederheid die sommige mensen voor hun huisdier voelen. Van echte genegenheid is geen sprake.
Zolang hij bij Sam hoort, durft niemand hem aan te raken. Wel zijn er voortdurend die kleine bedreigingen over wat ze allemaal met hem zullen doen als… Alex durft er niets over tegen Sam te zeggen. Hij is bang voor de gevolgen.
In de gevangenis zijn regelmatig overplaatsingen. Ook Sam, die hier al een eeuwigheid zit, weet niet zeker of hij kan blijven. Er wordt gesproken over plannen om langgestraften in te zetten voor arbeid in de zware industrie. Bedrijven zouden daarbij ook voor hun onderdak moeten zorgen, zodat de kosten voor de Staat lager worden.
Alex vraagt zich af of — nee, hij hoopt — dat hij eerder vrijkomt dan dat Sam wordt overgeplaatst.